Een psycholoog kan écht geen gedachten lezen…

Een bezoek aan een psycholoog. Volgens mij is dit in onze maatschappij een minder groot taboe dan voorheen, maar toch… het blijft wel een psycholoog. Als ik nieuwe mensen ontmoet, bijvoorbeeld tijdens het uitgaan, en ik vertel dat ik psycholoog ben, dan maken zij  vaak een grapje door te zeggen ‘oh, dan weet je precies wat ik denk’. Soms ga ik daarin mee door te zeggen dat ik inderdaad iemand zijn gedachten kan lezen en hoe handig dat is in het dagelijks leven.

Maar helaas heb ik deze gave niet en zal ik het tijdens de behandelingen echt moeten doen met de informatie die ik krijg, verbaal en non-verbaal. Als psycholoog heb je, mijn inziens, een belangrijke rol in het motiveren en begeleiden van mensen om zelf aan de slag te gaan met hun vraagstukken of probleemgebieden. Het aandeel dat ik daarin lever, is het stellen van vragen om mensen een nieuwe kijk op zaken te geven, adviezen te geven en een belangrijk onderdeel van de behandeling,  om cognitieve therapie te bieden.

Cognitieve therapie
Cognitieve therapie is een vorm van psychotherapie die is gebaseerd op het idee dat psychische klachten voortvloeien uit de gedachten die mensen hebben ten opzichte van hun problemen. Gedachten, veronderstellingen en overtuigingen hebben volgens deze theorie grote invloed op ons gevoel en gedrag. Wanneer dergelijke gedachtepatronen negatief zijn, kunnen problemen daardoor in stand gehouden worden. In cognitieve therapie onderzoek ik en cliënt samen of die negatieve denkwijze wel functioneel en reëel is. Door het veranderen van de gedachtepatronen ten opzichte van problemen, worden zo psychische klachten verholpen.

Bij HSK leggen we dat vaak uit aan de hand van het volgende voorbeeld: Stel, je ligt in bed en hoort een geluid. Dat geluid kan je een bepaald gevoel geven, bijvoorbeeld angst. Je zal dan waarschijnlijk denken dat er bijvoorbeeld een inbreker in je huis is. Angst is geen fijn gevoel, hoewel het natuurlijk ook heel functioneel is in bepaalde situaties. Deze zelfde situatie zou je ook boos kunnen maken. Je gedachte is dan mogelijk dat de buren de muziek voor de zoveelste keer zo hard hebben staan. Je zou je ook neutraal kunnen voelen, waarbij de gedachte is dat het gewoon een tak is die tegen het raam waait.

Met dit voorbeeld leggen we uit dat een gebeurtenis op zich, niet direct leidt tot een bepaald gevoel. Daar gaat een gedachte aan vooraf.  Zit je niet lekker in je vel, ben je somber dan wel, kan het dus heel helpend zijn om met je  gedachten aan de slag te gaan. Dat klinkt logisch, maar is vaak complexer dan het voorbeeld hierboven. Hierin biedt een psycholoog van HSK ondersteuning.

bron: Charlotte Bergen Henegouwen, psycholoog HSK.